Speech met stijl

11 december 2011

 

glas_heffenHet kerstdiner, de Nieuwjaarsborrel. Wie tikt daar met haar mes tegen het wijnglas? Met zijn nagel tegen de microfoon? Ben jij dit jaar de aangewezen vrijwilliger voor deze schone taak? Versier je speech met klassieke stijlmiddelen. 

Een goede toespraak is meer dan een verzameling statements. Stijlmiddelen zijn de smaakmakers van de retorica. Met stijlmiddelen kun je je publiek verleiden en meenemen, uitdagen en wakker schudden. Stijlmiddelen trekken de aandacht en houden die vast. Daardoor zien je toehoorders sneller de kernboodschap én kunnen ze die beter reproduceren.

Met de ‘drieslag’ kun je bovendien applaus genereren. Mensen zijn zo gewend aan het ritme ervan, dat ze onmiddellijk geneigd zijn om te gaan klappen zodra je het derde element noemt. Vandaar dat de drieslag ook bekend staat als erkende ‘claptrap’ en in vele vermommingen opduikt. Kijk maar naar deze stijlmiddelentoptien:

1. De drieslag

‘Onze kracht? Service, snelheid en kwaliteit! 

2. Overdrijving (hyperbool)

‘Eén adviseur torende werkelijk met kop en schouders boven iedereen uit: Paul Schotelmans!’ 

3. Understatement (litotes)

‘De eurocrisis heeft de export niet echt geholpen.’ 

4. Ironie

‘Alleen bij de koffieautomaat scoorde de afdeling Verkoop meer dan gemiddeld.’ 

5. Herhaling

‘De nieuwe media? Het gaat maar om één ding: twitteren, twitteren en nog eens twitteren.’ 

6. Herhaling van een zinsdeel (anafoor)

‘Het frontoffice moet het doen. Het frontoffice moet het voortouw nemen. Het frontoffice is ons uithangbord.’ 

7. Herhaling met synoniemen (congeries)

‘Wat dit bedrijf nodig heeft is lef, durf en moed.’ 

8. Climax

‘We waren goed, we waren beter, we waren verpletterend.’ 

9. Tegenstellingen koppelen (antithese)

‘Zeker in tijden van bezuinigen geldt: aanval is de beste verdediging!’ 

10. Opsomming (enumeratio)

‘Van de koffiejuffrouw tot de regisseur, van de grimeur tot de hoofdrolspeler en van de kaartverkoper tot de fondsenwerver: iedereen heeft zijn onmisbare aandeel gehad in deze productie.’

 

Wil je je toespraak van papier voorlezen? Mag best. Wel drie tips om het levendig te houden:

1. Oefen je toespraak

Leer je toespraak niet uit je hoofd, maar oefen wel hardop. Een paar keer zelfs. Op papier kan het er namelijk wel goed uitzien, maar al voorlezend merk je ongetwijfeld dat het nog niet overal lekker loopt. Door te oefenen merk je welke bruggetjes je nodig hebt om soepel van het ene onderwerp naar het andere te gaan. Uiteindelijk krijg je de opbouw van je tekst zo in je systeem dat je je aandacht vooral bij je luisteraars kunt houden. 

2. Accenten en doekjes

Voor een goede tekstbehandeling kun je veel leren van professionele acteurs. Zij zetten altijd meteen 'accenten' en 'doekjes' in hun tekst, om sleutelwoorden te benadrukken. Een ‘accent’ is een nadruk op een woord of lettergreep, die je aangeeft door onderstreping. Een ‘doekje’ betekent een langere stilte, die je markeert met schuine streepjes. Met accenten en doekjes kun je de sleutelwoorden op een presenteerblaadje aan je gehoor opdienen. Zo dus: 

We hadden dit jaar een grote sprong willen maken. Maar helaas /// de crisis sloeg onverbiddelijk toe./// Hoe hebben we daarop gereageerd? Wat hebben we gedaan om de langetermijneffecten te minimaliseren? En waar liggen de prioriteiten voor 2012?

Laat ik beginnen met een korte anekdote uit de beginjaren van ons bedrijf./// U herinnert zich allemaal nog Jos de Kromme, de legendarische heftruckchauffeur. 

3. Duik niet in je papier

Spreek over je papier heen en zorg dat je met je aandacht bij het publiek bent. Spreek vanuit een hoge status: durf ruimte in te nemen, met gebaren en met de stiltes die je laat vallen. Een bijkomend voordeel van contact maken is dat je automatisch je verhaal vertraagt. Probeer bij ieder ‘doekje’ naar iemand in het publiek te kijken, dan valt de stilte organisch.

 

Kort samengevat: neem de tijd voor het optuigen van je toespraak en het oefenen ervan. Dat brengt het uiteindelijke doel steeds dichterbij: een presentatie die je vooraf geen doorwaakte nachten bezorgt, maar waar je vol vertrouwen naartoe leeft. Proost! Of zelfs: proost, cheers, santé! 

| Rubriek Presenteren

Eindspel

02 december 2011

Hamm_en_Clov

Respect is belangrijk. Dat kun je afdwingen, denkt PVV’er Harm Beertema. Daarom moeten leerlingen weer ‘Mevrouw’ en ‘U’ tegen hun juf zeggen. Volgende week stemt de Tweede Kamer erover. En terecht. Dus, lieve klanten, wil ik graag dat jullie me voortaan aanspreken met Mevrouw Valkenburg. Of met ‘Edelachtbare’ natuurlijk.

Zeg maar meneer Jansen heet het 'belangwekkende' plan waarmee de PVV het Jeugdjournaal haalde. En dat op de dag dat volgens de volwassenenjournaals voor de euro alarmfase rood is ingegaan. ‘Het eindspel’, aldus een financieel specialist.

Kwam het door de schrille tegenstelling? Of door mijn theateroren? Ik moest meteen aan Beckett denken, de Iers/Franse grootmeester van het absurdistische toneel. In zijn Eindspel laat hij ons kennismaken met Hamm en Clov, heer en knecht, die samen met Hamm’s ouders wachten op de totale kladderadatsch.

Hamm: Hoe laat is het?

Clov: Net zo laat als altijd.

Hamm: Heb je gekeken?

Clov: Ja.

Hamm: En?

Clov:  Niets.

Hamm: Het zou moeten regenen.

Clov: Het gaat niet regenen.

Heel vaak zullen we die tekst helaas niet meer horen. Noch die van Beckett’s bekendste stuk Wachten op Godot. Laat staan die van minder bekende toneelschrijvers. Want dankzij het absurdisme van de PVV, VVD en CDA is immers flink het mes gezet in kunst en cultuur. Het wordt kaal op de planken.

Zou het helpen als we de dames en heren bewindslieden en hun gedogers voortaan met U aanspreken? Zouden ze dan misschien snappen dat absurdistische rollen beter kunnen worden gespeeld door acteurs dan door politici?

| Rubriek In de media

Hear, Hear!

31 oktober 2011

bekerSporten is niet mijn sterkste kant. Ik weet dat het moet, maar het komt er vaak niet van. Een prijzenkast heb ik dan ook nooit nodig gehad. Tot vrijdag. Toen kwam ik ineens met een grote beker thuis.

Vorige week viel mijn oog op een debattoernooi. Niet toevallig, want ik zoek al een tijdje naar een goede vorm om de principes van de retorica naar de vergadersetting te vertalen. Dus ik meldde me aan.

De opzet? Eerst een masterclass door Gijs Weenink. Hij is directeur van de Debatacademie, de organisator van het toernooi. Daarna begon het echte werk. Vooraf hadden we al stellingen toegestuurd gekregen. ‘Openbaar vervoer moet gratis’ bijvoorbeeld, en ‘de vettaks is een oplossing voor overgewicht’. We werkten in tweepersoonsteams en kregen steeds pas kort van tevoren te horen of we voor of tegen moesten pleiten.

Als debaters met een masterclass achter de kiezen, richtten we ons natuurlijk vooral op de twijfelaars in ons gehoor. Daar zit immers de grootste winst, wist iedereen inmiddels. Veel mensen hebben –ook in vergaderingen- de neiging om tegenstanders te bestrijden. Niet doen: het is veel makkelijker om een twijfelaar over de streep te trekken dan iemand die zijn hakken in het zand heeft gezet.

We concentreerden ons dus op aansprekende argumenten voor de twijfelaars. We zeiden dat we zelf ook geaarzeld hadden, maar dat we na ampel beraad tot onze overtuiging waren gekomen. We namen tegenargumenten mee in ons eigen betoog. We onderdrukten de neiging om bij alles wat ons niet zinde er meteen vol in te vliegen. We bleven juist goed luisteren en verzamelden munitie voor onze tegenaanval. En als die kwam, labelden we zelf onze belangrijkste bouwstenen: “Ik geef u een juridisch, een ethisch en een economisch argument.” Dat helpt je toehoorders immers bij het begrijpen en het onthouden van je redenering.

We strooiden met oneliners, niet alleen om de lachers op onze hand te krijgen, maar ook om het publiek kapstokjes te geven voor zijn mening. En natuurlijk bleven we voortdurend samenvatten en steeds opnieuw de kern van ons betoog onderstrepen.

Na drie voorronden belandden mijn teamgenoot en ik in de finale. Vijf juryleden en een publiek in Britse Lagerhuisopstelling beoordeelden de prestaties. We kregen de stelling ‘Nederland heeft behoefte aan meer vrouwen aan de top’. Probleempje: wij tweeën moesten tégen die stelling pleiten, dus dat vroeg de nodige soepelheid van geest. Maar geloof het of niet: we wonnen!

De beker staat op de schoorsteenmantel. Mijn voetballende zoons zijn ineens vol ontzag, maar de grootste ontdekking is toch dat ik er zelf zo'n lol in had. Dus vanaf nu wordt debatteren een vast onderdeel in de training Persoonlijke profilering. Hear, hear!

| Rubriek Persoonlijke profilering

Een kluizenaar met charisma

05 september 2011

een_kluizenaar_met_charismaHet zou een mooie boektitel zijn, maar hoeveel kluizenaars hebben we nog? Afgezien van onvrijwillig eenzame bejaarden zijn het er volgens mij niet zo veel meer. Toch is het wel een interessante vraag: kan een kluizenaar charisma hebben?

Factor 40 hebben we deze zomer niet echt nodig gehad, maar Faxtor X schijnt in ieder seizoen onmisbaar te zijn, of je nu popidool, topmodel of chef-kok wilt worden. Ook charismatisch leiderschap is onverminderd hot. Managersonline liet daarover onlangs een lichaamstaalexpert aan het woord. Hoe wordt u een charis-matische leider, was de hamvraag. De expert kwam met een aantal Do’s en Dont’s: 

Do's                                                                      Dont's

Een charismatisch leider:                                Een charismatisch leider:
1. komt naar je toe                                            1. sluit zich niet af
2. stelt vragen                                                    2. toont geen ongeduld
3. knikt en kijkt je aan                                      3. drijft zijn zin niet door
4. glimlacht                                                        4. breekt geen beloften
5. zegt ja en soms nee...                                  5. eist niet en zegt nooit nooit... 

Helaas dus weer een artikel waarin persoonlijkheid, communicatieve vaardigheden en charisma op één hoop worden gegooid. Want laten we wel wezen: deze D&D’s zijn heel goed om je communicatievaardigheden op te poetsen, maar of je je charisma er ook mee vergroot? 

Want wat is het eigenlijk: charisma? Eerst maar even terug naar de bron, de oude Grieken, die onze woordenschat met dit begrip hebben verrijkt. Wat blijkt? Het zelfstandig naamwoord ‘charis’ gebruikten ze niet alleen voor de schoonheid en de gratie die iemand uitzendt, maar óók voor de dankbaarheid daarover bij de ontvanger. Dat oorspronkelijke element van wederkerigheid is interessant. Kennelijk is charisma pas eeuwen later vooral een eigenschap van de zender geworden. 

Maar goed, laten we ons anno 2011 dan toch maar op de zender concentreren. Wie heeft er nou echt charisma? Zelf denk ik dan eerder aan iemand als Martin Luther King, Ghandi, Nelson Mandela, dan aan de winnaar van Holland’s got talent. Mensen die hun krachtige persoonlijkheid niet direct inzetten ter meerdere eer en glorie van zichzelf, maar voor een kansarm deel van de mensheid en die er bovendien in slagen hele volksstammen voor hun ideeën te winnen. De vraag waarom me niet meteen een charismatische vrouw te binnen schiet, schuif ik voorlopig nog even voor me uit. 

Door het gedrag van charismatische leiders nauwkeurig te analyseren, kun je ongetwijfeld vrij aardig in kaart brengen welke gemeenschappelijke factoren er in hun gedrag zitten. Sterker nog: dat is natuurlijk allang gebeurd. De charismatische persoonlijkheid staat ontspannen voor het publiek, ze treedt graag en gemakkelijk op de voorgrond. Ze durft zichzelf als expert neer te zetten en straalt zelfvertrouwen uit. Ze is overtuigd van haar boodschap en plaatst die in de belevingswereld van haar publiek. Ze maakt contact, weet precies wat de luisteraar nodig heeft en doet een beroep op diens emoties. 

Wil je meer charisma? Werk dan aan al die eigenschappen, is vervolgens de boodschap voor de gewone sterveling. Betekent dat dus ook dat je een charismatische leider kunt worden als je maar hard genoeg oefent? 

Ik weet het niet. Charisma lijkt me een combinatie van karakter, talent en oefening. En geluk natuurlijk. Want om het op deze plek nog één keer over Máxima te hebben: als ze niet met onze kroonprins was getrouwd, had ze zich misschien nooit ontwikkeld tot de zelfbewuste persoonlijkheid die heel Nederland om haar vinger wond. Wat dat betreft hadden de oude Grieken het goed gezien: voor charisma is een publiek onontbeerlijk. Jammer voor de kluizenaar. Al heb je van nature nog zoveel charisma, het werkt pas als iemand anders die toverkracht ervaart.

| Rubriek Persoonlijke profilering

Knappe bollen in komkommertijd

14 juni 2011

Patti_M._Valkenburg_Wat is er toch aan de hand met Nederland? Als de zoveelste BN’er een boekje heeft geschreven is hij niet weg te slaan uit de talkshows van zijn Hilversumse vriendjes. De uitreiking van de Libris-prijs? Het Boekenbal? De dans om de Gouden Kalveren? De usual suspects worden op de rode loper om een onbenullige quote gesmeekt…

Gisteren kreeg mijn zus Patti een Spinozapremie. Het is niet haar eerste prijs. Eerder won zij bijvoorbeeld een advanced grant van 2,5 miljoen euro van de European Research Council. Maar de Spinoza-premie is wel de absolute top voor een wetenschapper, het is zo’n beetje de Nederlandse Nobelprijs. Zus Patti, astronoom Heino Falcke en natuurkundige Erik Verlinde werden onderscheiden vanwege hun voortreffelijke, baanbrekende en inspirerende onderzoek. De laureaten zijn internationaal vermaard en weten jonge onderzoekers te inspireren. Zij krijgen elk 2,5 miljoen euro te besteden aan onderzoek naar keuze. Niet zomaar wat, zou je zeggen. Camera loopt, zou je denken…

Dat klopt ook. Patti werd gebeld door het NOS-journaal, Uitgesproken, RTL nieuws en Knevel & Van den Brink. Dus zaten we met de hele familie al om zes uur in de startblokken voor het eerste NOS-journaal. Natuurlijk was het niet het eerste item. De opmars van de EHEC-bacterie gaat voor, geen probleem. Ook de prijsverhoging voor de kinderdagverblijven is belangrijk nieuws. De voorgeleiding van DSK voor een rechtbank in New York? Nou vooruit…

Toen veerden we op. Het was zover: de uitreiking van de Spinozapremies. Althans, dat dachten we. Na een korte intro nam de reportage een onverwachte wending. Kandidaten voor deze prijs zullen steeds moeilijker te vinden zijn, was de teneur, want de kwaliteit van het Nederlandse onderwijs holt achteruit. De voice over verhaalde de rest van de tijd over de toenemende domheid van jongeren en de maatschappelijke kosten daarvan. Op de achtergrond fungeerden mijn zus en haar collega’s als bewegend behang.

Ik kon mijn ogen en oren niet geloven. Zoveel barbaarsheid. Als je je topgeleerden niet eens spreektijd gunt, hoe wil je dan ooit de kwaliteit van je onderwijs opkrikken? Natuurlijk ben ik enigszins gekleurd, want ik zeg het nog maar eens: Patti is mijn zus. Mijn zus. Eén van de toponderzoekers van Nederland, weggemoffeld in donker hoekje van het NOS-journaal.

Uitgesproken werd trouwens ook niks. Vanwege dezelfde komkommers en vanwege schilderende meisjes van vier. Of Patti het erg vond? Nee, hoor, met een heerlijk glas wijn ging ze plannen maken voor alle mogelijkheden die zij en haar 24 medewerkers nu hebben om haar droom te verwezenlijken. Maatschappelijk relevant onderzoek over kind en media.

O ja, voor Knevel & Van den Brink heeft Patti zelf bedankt, vanwege het late tijdstip. Dat bleek trouwens niet zo erg, want later begreep ik dat Gordon die avond is aangeschoven. Hadden ze toch nog een topper.

| Rubriek In de media

Wij willen wolven

23 mei 2011

howling_wolf

Het begint met ‘er was eens… ‘ en het eindigt met ‘… lang en gelukkig’. Maar wat maakt sprookjes als Roodkapje zo onweerstaanbaar? Is het Roodkapje zelf? Nee, dat is eigenlijk maar een saai, braaf wicht, ook al huppelt ze per ongeluk van het rechte pad af. Grootmoeder? Bijziend en goedgelovig, ook al geen heldin. De wolf? Allicht! Het is de wolf met zijn aura van boosaardigheid en verderf die ons letterlijk en figuurlijk naar de strot vliegt.

Met zijn honderden miljoenen zagen we een sprookjeshuwelijk. William en Kate in Buckingham Palace. Maar we waren wat teleurgesteld. Oké: de ranke billen van zus Pippa hebben inmiddels een eigen site, maar we misten de romantiek, de tranen, het drama.

Gelukkig kregen wij Nederlanders een herkansing. Máxima werd 40 en we werden getrakteerd op een documentaire die ons een zeldzaam inkijkje in haar privéleven beloofde. En weer zaten we voor de buis. Zeker in het begin heb ik gebiologeerd gekeken hoe ze het doet. Want ze doet het goed, perfect zelfs. In ieder gesprek zoekt ze meteen de contactpositie: vriendelijk maar deskundig, open en zelfbewust. Het puntje van haar neus steeds gericht op het puntje van de ander, waardoor ze in haar houding een gelijkwaardige status opzoekt. Zo zien we een uiterst beminnelijke, benaderbare en wilskrachtige prinses. Ook als Máxima speecht, heeft ze een enorme overtuigingskracht. Haar stem wordt luid en krachtig, ze staat als een huis.

Maar na een half uur kijken vlakt het af. Weer Máxima die goede werken verricht, weer Alexander die de loftrompet zingt, weer de brave prinsesjes. Het wordt te schattig, te keurig, te geregisseerd. Opeens irriteert dat. Natuurlijk gun ik Máxima alle geluk van de wereld, maar ik wil niet steeds alleen de mand met lekkers voor oma zien, ik wil wolven!

Wat leren we hier van? Psychologen weten het allang: licht dreigende opmerkingen raken ons harder dan zoetsappige. We reageren scherper als we iets kunnen verliezen, dan als we iets kunnen winnen. Dramaturgen weten het ook: een held kan pas een held worden als ze eerst in gevaar is. Bij een presentatie kunnen we daar ons voordeel mee doen. Zit je publiek wat afwachtend achterover? Geef je verhaal de vorm van een probleem dat moet worden opgelost. Stel hen voor raadsels of dilemma’s en vraag om suggesties. In schema:

Situatie                Huidige of gewenste situatie

Obstakel             Obstakel voor de gewenste situatie (probleem)

Aanpak                Mogelijke oplossingen, maatregelen, ideeën, stappen

Plan                       Concreet voorstel (bijvoorbeeld beste uit A, vraag om besluit) 

Nog even terug naar de wolf. Die is op weg naar Nederland, zeggen biologen in de media. Ze kunnen na jarenlange afwezigheid ieder moment vanuit Duitsland onze bossen binnenvallen. Roodkapje, Kate en Máxima: wees gewaarschuwd…

| Rubriek In de media

Kijk en vergelijk: appels, peren en presenteren

09 april 2011

Op zich vind ik het een wonderlijke uitdrukking: appels met peren vergelijken. Of liever gezegd: ik heb nooit begrepen waarom iedereen vindt dat het niet kan. Want dat kan toch heel goed? Dan zie je bijvoorbeeld dat de meeste appels rond zijn en veel peren juist de karakteristieke peervorm hebben (ook bekend van dames op leeftijd).
En nu hebben we dus een nieuwe variant: appels met koeien vergelijken. Ik hoorde die het eerst in een filmpje op Dumpert. We vallen middenin een Kamerdebat over recidive. Veroordeelden met een taakstraf gaan minder vaak weer in de fout dan mensen die voor hetzelfde vergrijp hebben vastgezeten, zo blijkt uit diverse onderzoeken. Dus kun je concluderen dat een taakstraf beter werkt om recidive te voorkomen, zou je denken. Mevrouw Helder van de PVV wil er niet aan. ‘Want,’ zegt ze, ‘iemand met een taakstraf was misschien wel recidivist geworden als hij een gevangenisstraf had gekregen.’
‘Gelooft mevrouw Helder dan helemaal niet in statistisch onderzoek?’ vraagt Sharon Gesthuizen (SP) vertwijfeld.
‘Dat vind ik nu eigenlijk appels met koeien vergelijken en iets met de haren erbij trekken. Daar geef ik nog niet eens antwoord op, mevrouw Gesthuizen.’
Maar dat doet ze toch. ‘Ik zeg… ik ga het dus nu wel doen via u mevrouw de voorzitter. Persoon A is niet met persoon B te vergelijken. Dat is toch iets heel anders als meetbare resultaten van een succes van… weet ik niet wat u er allemaal bij wilt gaan halen. Ik ga het ook maar niet doen. Persoon A is niet te vergelijken met persoon B.’
Vervolgens gaat mevrouw Helder over op de ‘herhaaltoetstechniek’. Misschien heeft ze geleerd dat je bij lastige vragen gewoon je boodschap moet blijven benadrukken. Daar lijkt het tenminste op, gezien de krampachtigheid waarmee ze het doet en het al even ingestudeerde groteske gebaar waarmee ze haar woorden steeds weer illustreert.
Maar zo eenvoudig is het niet. De herhaaltoetstechniek werkt alleen als je de weerstand serieus neemt en daarop inspeelt, maar ondertussen je kernboodschap in steeds andere bewoordingen overeind houdt. Dat is heel iets anders dan blindelings je standpunt herhalen, alsof er een kras op de plaat zit, en in heel je houding laten zien dat je de tegenpartij nog te min vindt om je schoenen te poetsen.
Daar lag dus een 100% kans voor de oppositie. Maar die bleek niet besteed aan Sharon Gesthuizen. ‘Ik vind het echt een kolderredenering,’ zei ze, ‘en ik vind het eigenlijk heel verdrietig dat ik op deze manier moet debatteren.’
Dat was niet sterk. We hadden een verbaal fileerder willen zien, een kundig debater die nog eens haarfijn had uitgelegd hoe het zit met appels, peren en statistiek. We kregen een emotionele uitglijder van iemand die voelt dat ze kan scoren, maar de bal huizenhoog over schiet.
En dat allemaal in een fragment van vier minuten. Leerzaam.

| Rubriek Presenteren

Met zachte precisie

15 maart 2011

In Brussel doorliep ik de internationale theaterschool van Luc de Smet, op dat moment de grote vernieuwer met zijn manier van theater maken. Ik woonde in hartje Brussel, in een voormalig nonnenklooster. Overdag keihard werken, ’s avonds tot laat in de staminee.

Op een nacht luisterde ik naar de radio. De wereldpolitiek was meestal ver weg, maar op die avond in januari 1991 brak de Golfoorlog uit. Via mijn krakende transistor hoorde ik hoe in Irak de eerste bommen vielen, gevolgd door commentaren vol ongeloof. Operatie Desert Storm was begonnen. De hele nacht ben ik diep onder de indruk blijven luisteren.

De volgende dag moest ik gewoon naar les. We werkten al weken met maskers, speciale leren maskers uit Italië. Je gezichtsuitdrukking werd zodoende uitgeschakeld, in de zoektocht naar de essentie van beweging en materialen.

Die dag deden we de seizoenen. De lente heeft een andere beweging, een ander geluid, een andere architectuur in de ruimte dan bijvoorbeeld de winter. Het probleem was alleen dat de oorlog nog in mijn trommelvlies natrilde. Hoe kon ik de lente spelen terwijl in Irak mensen en steden werden gebombardeerd? Ik besloot, als een soldaat van de waarheid, de oorlog na te spelen.

Iedereen was in de war, ook de docent. ‘Wat je deed leek niet op lente, meer op oorlog,’ zeiden ze. ‘Klopt,’ zei ik. Dat werd me bepaald niet in dank afgenomen. Ik had me niet aan de opdracht gehouden. Ik zei dat ik me niet klakkeloos aan theater kon wijden, terwijl elders in de wereld zoveel ellende was.

Later hoorde ik dat Luc de Smet er in de groep na ons wel aandacht aan had besteed. Hij had tegen de studenten gezegd dat de oorlog was uitgebroken. ‘We staan nu voor een leeg theater, terwijl we meeleven met alles wat er is,’ zei hij. ‘Daarom gaan we vandaag met zachte precisie aan het werk. Dat is wat ons te doen staat.’

Gisteren was ik met Chris bij Ikea. Hij zocht een hangmappenladeblok, ik een nieuwe keuken voor kantoor. We tilden de nodige dozen in de auto. Toen ik thuiskwam hoorde ik voor het eerst over de aardbeving en de tsunami in Japan. Huiveringwekkende beelden, zoveel verwoesting.

Wat nu? Wat heeft het voor zin om een kantoorkeuken te plaatsen? Toen dacht ik ineens aan Luc en ik weet weer hoe het moet. Met zachte precisie.

| Rubriek Kanttekeningen

Femke, wat nu?

28 februari 2011

Zoals al mijn deelnemers weten, gebruik ik Femke Halsema als voorbeeld in trainingen. Maar nu vertrekt ze uit de politiek! Hoe moet ik nu het effect van lichaamstaal illustreren? Wie glimlacht er net zo charmant bij het uitspreken van een neutrale tekst? Wie kijkt net zo olijk uit haar ooghoeken? Wie giechelt en frunnikt even meisjesachtig aan haar haar? Wie geeft net zo’n helder voorbeeld van vriendelijk en benaderbaar lage statusgedrag?

Vergis je niet. Femke kreeg de Thorbeckeprijs vanwege haar politieke welsprekendheid. ‘Met een mix van vaak gespeelde boosheid, creativiteit en werkelijke charme weet zij tegenstanders in een debat in de hoek te drijven.’ Aldus het juryrapport. Zelf was ze het trouwens absoluut niet eens met de term ‘gespeelde boosheid’. Die boosheid was oprechte verontwaardiging, bijvoorbeeld over de hoofddoekjesbelasting.

In haar afscheidsoptreden bij Pauw en Witteman vertelde ze hoe ze zo nodig haar emoties in bedwang houdt. Bijvoorbeeld bij de aankondiging van haar afscheid. ‘Ik was ontzettend bang dat ik dat niet zonder huilen zou redden,’ onthulde ze.

Witteman: ‘Zou u zich daarvoor schamen dan?’

Femke: ‘Nee, natuurlijk niet. Maar op belangrijke momenten in je politieke carrière wil je liefst zelf de regie houden. Dan ben je toch bang dat je emoties het overnemen.’

Pauw: ‘Hoe kun je oefenen dat je niet gaat huilen?’

Femke: ‘Het helpt als je de tekst die je wilt uitspreken al een aantal keren hebt doorgenomen. Daardoor krijg je meer afstand.’

Het typeert haar veelgeprezen manier van werken, die we hebben leren kennen tijdens kamerdebatten. Femke: ‘Het is een kwestie van je heel goed voorbereiden en dan kort en puntig je boodschap brengen.’

Zo is het. En tot er een beter voorbeeld opduikt, blijf ik Femke gewoon gebruiken.

| Rubriek Presenteren

Pagina 1 van 2