Jas aan, jas uit

14 september 2017

Om jezelf goed te kunnen presenteren en profileren moet je allereerst beseffen wat je eigen drijfveren zijn, maar je moet je ook kunnen inleven in die van een ander. En dat laatste is een kwestie van empathie.

Dat geldt niet alleen voor gesprekken, maar ook voor een doelgerichte presentatie. Heb je voldoende aandacht voor je eigen doel? Prima, dan verdwaal je minder snel in de inhoud. Heb je voldoende aandacht voor je gesprekspartner of je publiek? Prima, dan heb je het perspectief van de ander goed in beeld en voelt die zich begrepen en gezien. Of zoals Abraham Twersky zegt: je moet tijdig van jas kunnen wisselen. Kijk en luister:

 

| Rubriek Presenteren

Stemmen geanalyseerd

20 maart 2017

Ik hoor het aan je stemVeel van onze klanten kennen Elizabeth Ebbink uit de training Profilering & invloed en van de opleiding tot presentatiecoach.

Ze is met regelmaat in de media te zien en te horen. Vlak voor de verkiezingen analyseerde zij de stemmen van de lijsttrekkers. Benieuwd? Luister dan naar dit fragment.

 

| Rubriek Presenteren

Eén man, zes fotografen

06 januari 2016

Eén beeld zegt meer dan duizend woorden, luidt de tegeltjeswijsheid. Dat de werkelijkheid gecompliceerder is blijkt uit dit filmpje, waarin zes fotografen ieder de opdracht krijgen een bepaald model zodanig vast te leggen dat diens karakter helder over het voetlicht komt. Wat de fotografen niet weten is dat ieder van hen vooraf een andere beschrijving heeft gekregen van het model. Levert dat significant andere portretten op? En zo ja: is er een link met het Pygmalioneffect (“When we expect certain behaviors of others, we are likely to act in ways that make the expected behavior more likely to occur.”; Rosenthal and Babad, 1985)? En bovendien: is dat dan alleen maar verrassend of heb je er ook iets aan voor de manier waarop je jezelf presenteert?
Kijk het filmpje en lees daarna nog even verder over de mogelijke implicaties voor overtuigend presenteren.

Stel je voor!
De meeste (lees bijna alle) klanten in onze trainingen vergeten bij een presentatie zichzelf goed te introduceren bij hun publiek. Doodzonde want juist in die eerste minuten vormen luisteraars zich een beeld van de spreker en het onderwerp. Mensen luisteren graag naar een expert. Maar als je je niet voorstelt weten mensen niet dat je dat bent.
Bovendien voorkom je ruis door jezelf voor te stellen. Onlangs was ik op een bruiloft waar iemand een toespraak hield. Een heel verhaal over de bruid, een vriendin, een reeks voorvallen, maar wie was die man? Dat vroeg ik mij de hele tijd af. Uiteindelijk bleek het de zwager van de vriendin te zijn. Te laat: ik had een deel van de boodschap gemist omdat ik de aangedragen informatie niet goed kon plaatsen.
Een deel van het probleem is dit: veel mensen zijn bang dat ze opschepperig overkomen als ze hun presentatie beginnen met een overzicht van hun positie en hun ervaring. Overbodig! Je helpt de luisteraar er juist mee. Die begrijpt dan meteen waarom jij daar staat en waarop je verhaal is gebaseerd. Jij bent immers de deskundige.
Die beeldvorming heb je dus in eigen hand. Zoals de fotografen zich bij het portretteren lieten leiden door de informatie vooraf, zo kun je als spreker je imago beïnvloeden door zelf even te vertellen wat je status is. Dat voorkomt dat ze tijd verdoen met gissen, of zich een verkeerd beeld van je vormen.

| Rubriek Presenteren

Speech met stijl

11 december 2015

 

glas_heffenHet kerstdiner, de Nieuwjaarsborrel. Wie tikt daar met haar mes tegen het wijnglas? Met zijn nagel tegen de microfoon? Ben jij dit jaar de aangewezen vrijwilliger voor deze schone taak? Versier je speech met klassieke stijlmiddelen. 

Een goede toespraak is meer dan een verzameling statements. Stijlmiddelen zijn de smaakmakers van de retorica. Met stijlmiddelen kun je je publiek verleiden en meenemen, uitdagen en wakker schudden. Stijlmiddelen trekken de aandacht en houden die vast. Daardoor zien je toehoorders sneller de kernboodschap én kunnen ze die beter reproduceren.

Met de ‘drieslag’ kun je bovendien applaus genereren. Mensen zijn zo gewend aan het ritme ervan, dat ze onmiddellijk geneigd zijn om te gaan klappen zodra je het derde element noemt. Vandaar dat de drieslag ook bekend staat als erkende ‘claptrap’ en in vele vermommingen opduikt. Kijk maar naar deze stijlmiddelentoptien:

1. De drieslag

‘Onze kracht? Service, snelheid en kwaliteit! 

2. Overdrijving (hyperbool)

‘Eén adviseur torende werkelijk met kop en schouders boven iedereen uit: Paul Schotelmans!’ 

3. Understatement (litotes)

‘De eurocrisis heeft de export niet echt geholpen.’ 

4. Ironie

‘Alleen bij de koffieautomaat scoorde de afdeling Verkoop meer dan gemiddeld.’ 

5. Herhaling

‘De nieuwe media? Het gaat maar om één ding: twitteren, twitteren en nog eens twitteren.’ 

6. Herhaling van een zinsdeel (anafoor)

‘Het frontoffice moet het doen. Het frontoffice moet het voortouw nemen. Het frontoffice is ons uithangbord.’ 

7. Herhaling met synoniemen (congeries)

‘Wat dit bedrijf nodig heeft is lef, durf en moed.’ 

8. Climax

‘We waren goed, we waren beter, we waren verpletterend.’ 

9. Tegenstellingen koppelen (antithese)

‘Zeker in tijden van bezuinigen geldt: aanval is de beste verdediging!’ 

10. Opsomming (enumeratio)

‘Van de koffiejuffrouw tot de regisseur, van de grimeur tot de hoofdrolspeler en van de kaartverkoper tot de fondsenwerver: iedereen heeft zijn onmisbare aandeel gehad in deze productie.’

 

Wil je je toespraak van papier voorlezen? Mag best. Wel drie tips om het levendig te houden:

1. Oefen je toespraak

Leer je toespraak niet uit je hoofd, maar oefen wel hardop. Een paar keer zelfs. Op papier kan het er namelijk wel goed uitzien, maar al voorlezend merk je ongetwijfeld dat het nog niet overal lekker loopt. Door te oefenen merk je welke bruggetjes je nodig hebt om soepel van het ene onderwerp naar het andere te gaan. Uiteindelijk krijg je de opbouw van je tekst zo in je systeem dat je je aandacht vooral bij je luisteraars kunt houden. 

2. Accenten en doekjes

Voor een goede tekstbehandeling kun je veel leren van professionele acteurs. Zij zetten altijd meteen 'accenten' en 'doekjes' in hun tekst, om sleutelwoorden te benadrukken. Een ‘accent’ is een nadruk op een woord of lettergreep, die je aangeeft door onderstreping. Een ‘doekje’ betekent een langere stilte, die je markeert met schuine streepjes. Met accenten en doekjes kun je de sleutelwoorden op een presenteerblaadje aan je gehoor opdienen. Zo dus: 

We hadden dit jaar een grote sprong willen maken. Maar helaas /// de crisis sloeg onverbiddelijk toe./// Hoe hebben we daarop gereageerd? Wat hebben we gedaan om de langetermijneffecten te minimaliseren? En waar liggen de prioriteiten voor 2012?

Laat ik beginnen met een korte anekdote uit de beginjaren van ons bedrijf./// U herinnert zich allemaal nog Jos de Kromme, de legendarische heftruckchauffeur. 

3. Duik niet in je papier

Spreek over je papier heen en zorg dat je met je aandacht bij het publiek bent. Spreek vanuit een hoge status: durf ruimte in te nemen, met gebaren en met de stiltes die je laat vallen. Een bijkomend voordeel van contact maken is dat je automatisch je verhaal vertraagt. Probeer bij ieder ‘doekje’ naar iemand in het publiek te kijken, dan valt de stilte organisch.

 

Kort samengevat: neem de tijd voor het optuigen van je toespraak en het oefenen ervan. Dat brengt het uiteindelijke doel steeds dichterbij: een presentatie die je vooraf geen doorwaakte nachten bezorgt, maar waar je vol vertrouwen naartoe leeft. Proost! Of zelfs: proost, cheers, santé! 

| Rubriek Presenteren

Het publiek de mond gesnoerd

11 november 2015

Het roemruchte Idols komt terug. Gejubel in medialand, maar laten we eerlijk zijn: er zijn toch al meer dan genoeg talentenjachten? Met allemaal hetzelfde stramien: opgeklopte en lang opgerekte spanning, een zelfingebeelde jury en een lieftallige presentatrice die er nog altijd uitziet als de eerste Barbie van vijftig jaar geleden. Hoewel? Schijn bedriegt soms.

Zie bijvoorbeeld Cat Deeley in dit filmpje.

Natuurlijk is het nep, maar stel dat… Met drie collega’s vroegen we ons af hoe we zouden reageren als we in de zaal hadden gezeten. De een zou heel stil worden en zich schuldig voelen, de ander zou in de lach schieten, de derde boos de zaal uitlopen. Een uitval roept dus uiteenlopende reacties op. Wees er dus voorzichtig mee. Nog meer tips over interactie met je publiek?

Een presentatie kun je tot in de puntjes voorbereiden, maar de interactie met je publiek blijft een verrassing. Het basisrecept is dit: jij bent gevraagd om een presentatie te geven vanwege je expertise. Stelt iemand een ‘gewone’ vraag? Geef dan ook gewoon antwoord. Hanteer wel wat spelregels:

  • Hebben meerdere mensen een vraag? Meld dan in welke volgorde je die gaat behandelen. 
  • Herhaal elke vraag, zodat iedereen hem kan horen.
  • Vraag door bij onduidelijkheid.
  • Vat samen in je eigen woorden en controleer of je de vraag juist hebt begrepen.
  • Richt je bij je antwoord op het hele publiek.
  • Controleer of het antwoord bevredigend is.

Maar er zijn ook vragen met een onderhuidse bedoeling; vragen die je al dan niet opzettelijk in verlegenheid brengen. De  gouden regel is dan: doe niet als Cat Deeley, maar blijf wellevend en mild. 

Ter illustratie drie soorten lastige vragen: 

1. Testvragen

Met een testvraag stelt de vragensteller je kennis en ervaring op de proef. Weet je het antwoord niet? Ga niet bluffen. Delegeer de vraag aan een collega die het antwoord wel weet, of beloof dat je het zult uitzoeken en erop terugkomt (wel echt doen!).

2. Showvragen 

Bij een showvraag wil de vragensteller pronken met zijn eigen expertise. Gun hem zijn moment of fame, het kost je niets. Maar gaat hij door, parkeer hem dan vriendelijk. Nodig hem uit om na afloop van de presentatie verder te praten.

3. Verborgen tegenwerpingen

Sommige mensen verpakken hun kritiek in een vraag. ‘Waarom is de besparing maar zo klein?’ Reageer ook hier niet te impulsief, maar benoem de tegenwerping: ‘mag ik hieruit concluderen dat u de besparing te klein vindt?’ Zet de tegenwerping in perspectief: ‘u moet niet alleen naar het geld kijken, want op de lange termijn zal onze methode u enorm veel goodwill, free publicity en dus klanten opleveren.’

Tot slot nog wat do’s-and-don’ts voor een goede relatie met je publiek:

Zeg niet: 

‘Nee, dat is niet waar, dat klopt niet...’ 

‘Ik moet u tegenspreken...’

‘Als u goed geluisterd had...’

Zeg wel:

‘Ik begrijp wat u bedoelt. Ik kan me voorstellen dat u dat vraagt.’ (begrip tonen)

‘Hoe bedoelt u dat precies, kunt u daar een voorbeeld van geven?’ (doorvragen)

‘Dat verbaast me. Waar/wie/hoe heeft u deze cijfers...’ (context zoeken)

 

| Rubriek Presenteren

Het geheim van een aansprekende stem

16 december 2014

Ik hoor het aan je stemVoor meldkamercentralisten is goed stemgebruik soms letterlijk van levensbelang. Maar feitelijk speelt je stem ook een belangrijke (en zwaar onderschatte) rol in communicatie mét beeld. Hoe meer je kunt met je stem, hoe groter je impact. Krijg jij wel eens als commentaar dat je te snel praat of te monotoon? Je kunt er iets aan doen.

Varieer steeds in toonhoogte, volume en tempo!

Een van je belangrijkste werktuigen bij presenteren is je stem. Ook die moet je dus de aandacht geven die een professioneel instrument nodig heeft. Hoe kun je levendig spreken en je overtuigingskracht vergroten? Onderzoek wijst uit dat afwisseling het sleutelwoord is. Veranderingen in tempo, volume en toonhoogte geven de suggestie van een actieve, overheersende en open persoonlijkheid, iemand met veel wilskracht en zelfvertrouwen. Het geheim is dus: spreek dynamisch!

Is snel spreken erg?

Nee, in principe niet. Maar té snel wel. Wetenschappers van de Universiteit van Michigan publiceerden in 2011 een onderzoek naar het effect van spreekstijl bij commerciële gesprekken. Wat waren hun belangrijkste conclusies?

* Wanneer je vlot spreekt, met zo’n 210 woorden per minuut, ben je overtuigender dan wanneer je erg langzaam of erg snel spreekt. Hun verklaring: mensen die erg snel spreken komen onoprecht over en mensen die erg langzaam spreken niet al te slim of zelfs pedant.

* Sprekers die veel korte pauzes lieten vallen waren aanzienlijk overtuigender. Het is natuurlijk om zo’n vier tot vijf keer per minuut een pauze te laten vallen, aldus de onderzoekers. Zelfs sprekers die continu pauzes lieten vallen waren overtuigender dan sprekers die aan een stuk door praatten.

 Bij Valkenburg Trainingen vinden we dynamisch spreken zo belangrijk dat we tijdens diverse trainingen een stemcoach inschakelen. Elizabeth Ebbink bijvoorbeeld. Luister naar haar boodschap.

| Rubriek Presenteren

shake fold en rock & roll

18 juni 2013

Wie kent het niet: de neiging om te veel te willen vertellen in je presentatie en de angst om niet volledig te zijn. Maar wat doe je eraan? Bekijk dit filmpje eens. Een eenduidige, heldere boodschap en een voorbeeldige interactie met het publiek. Dat werkt! Ik droog mijn handen nu anders af…

 

 

| Rubriek Presenteren

Niet zo wiebelen! (maar wat dan wel?)

08 april 2013

 

valkenburg trainingen spreekangstHet zal je maar gebeuren: eindelijk bij Pauw en Witteman aan tafel en dan zo verkrampen dat je de vragen nauwelijks hoort en je je deo tot wanhoop drijft. Wat ging er mis?

Nee, dit keer noemen we geen namen. Maar het overkomt menigeen. En soms is de oorzaak het gevolg van een minder geslaagde presentatietraining. Met aanwijzingen als: wiebel wat minder want dat leidt af. Kijk je publiek vaker aan. Maak het levendig met ondersteunende gebaren. Goed bedoeld, maar lang niet altijd effectief. Vaak is de presentator nog steeds meer met zichzelf bezig dan met zijn publiek. Doe ik het goed? Is het al tijd voor een ondersteunend gebaar?

Wat dan wel? Ontdek je persoonlijke script

Bij Valkenburg Trainingen hanteren we het begrip ‘script’. Ieder van ons heeft tijdens zijn volwassenwording een script geschreven, een scenario waarin je zelf de hoofdpersoon bent. In het script zitten besluiten verwerkt, die uiteindelijk je gedrag bepalen. Misschien heb je in je kinderjaren niet op een veilige manier geleerd om te 'vallen' en weer 'op te staan'. Waren je ouders veeleisend? Of juist overbezorgd? Ben je daarom extra gevoelig voor kritiek?

Een klassiek Hollands scriptbesluit

Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg. Dat is een klassiek Hollands scriptbesluit, waar nog heel wat mensen onder lijden. Een stevig ondersteunend gebaar voelt dan als raar en overdreven. Een scriptbesluit heeft ook vaak meer te maken met iets vermijden dan met iets nastreven. Ze beletten je om je plek in te nemen, ook op het podium. Terwijl je daar juist gaat staan om te laten zien wie je bent en waar je voor staat.

Versterk je contactpositie

In onze presentatietrainingen gaan we daarom op zoek naar scriptbesluiten. Want zodra je zo’n besluit kunt benoemen, kun je het vaak ook bijstellen. Bij de wortel aanpakken is effectiever én duurzamer dan de symptomen bestrijden, zo blijkt telkens opnieuw. En dan hebben we het niet over een therapeutische sessie, maar over het openen van de weg naar werkelijke overtuigingskracht en een authentieke presentatiestijl.

Meer weten over onze presentatietrainingen? Kom naar de gratis clinic op 17 mei.

 

| Rubriek Presenteren

Een goed begin is het halve werk

18 december 2012

‘Welkom allemaal, fijn dat u er bent.’ Goed bedoeld natuurlijk, maar wie zijn publiek echt vanaf het eerste moment wil meenemen, moet buiten de gebaande welkomstwoorden durven treden. Hoe je dat doet?

Een van mijn eerste presentatieopdrachten was bij een stichting die vakanties organiseert voor bejaarden en gehandicapten. De vraag: hoe kunnen onze vrijwilligers hun publiek motiveren om deel te nemen aan activiteiten?

Ik vertelde hen waarom een pakkend begin zo belangrijk is. Je brengt daarmee mensen op het puntje van hun stoel, ze willen naar je luisteren en zien jou als expert. ‘Relatie gaat voor informatie’ is een hoofdwet bij presenteren.

Dus gaf ik ze deze opdracht: verzin een pakkend begin om je activiteit aan te prijzen. Na het afgesproken kwartier kwam iedereen terug in de zaal. De meesten bleken merkwaardig uitgedost: rare hoedjes, bloemetjesjurken, zonnebrillen. Kennelijk hadden ze ergens een verkleedkoffer ontdekt. Het zorgde voor veel hilariteit, maar weinig overtuigingskracht.

Les twee dus: je pakkende begin moet je boodschap wel ondersteunen en aansluiten bij de verwachtingen van je publiek. Het moet de luisteraars aandachtig, begrijpend en welwillend maken. In die eerste minuten vormen ze zich een beeld van de spreker, dat zich maar lastig laat bijstellen. Vergelijk het met tv-kijken. Binnen een paar tellen vel je je oordeel: ‘Wat is dit? Waar gaat het over? Vind ik het leuk of zap ik weg?’

Een mooi voorbeeld van een geslaagde opening is de speech van Peter Uhm, voormalig commandant der Strijdkrachten. Rustig en zelfbewust treedt hij zijn publiek tegemoet. Geen katheder, geen spiekbriefje, geen barrière - of het zou zijn Engels moeten zijn.

 

 

Nu zal niet iedereen een geweer bij de hand hebben. Maar met een beetje nadenken of brainstormen vind je vast wel een merkwaardig krantenbericht, een puntige anekdote of een paar verrassendecijfers voor een overrompelende opening. Klinkt simpel, en dat is het eigenlijk ook. Als je jezelf maar toestaat om de warme welkomstwoorden weg te denken.

| Rubriek Presenteren

Pagina 1 van 3